Remote verkenner
Inleiding
Met de Remote verkenner is het mogelijk om naar mappen en bestanden te bladeren en deze te selecteren op de machine waarop Server actief is. De ingestelde bestandsrechten bepalen de reikwijdte, wat betekent dat via de Remote verkenner dezelfde bestanden en mappen kunnen worden benaderd dan dat dit via de Windows Verkenner mogelijk zou zijn. De gebruiker waaronder het server proces draait, bepaalt hierbij de van toepassing zijnde rechten.
De Remote verkenner is op verschillende manieren te openen:
- via het hoofdscherm van de BPM Server Client
- via het taakscherm
- via het snelmenu in een geopende actie
Bij de eerste twee opties kan er door bestanden en mappen gebladerd worden. Bij deze laatste optie is het daarnaast mogelijk om bestanden en mappen te selecteren voor gebruik in een taak.
Schermindeling
Het scherm van de Remote verkenner bestaat uit een aantal onderdelen:
- Knoppenbalk
- Tabblad
- Schijfselectie
- Bestands- en mapselectie
- Plakknoppen
Knoppenbalk
De knoppenbalk regelt het beheer van de snelkoppelingen. De volgende opties zijn beschikbaar:
|
Om een nieuw tabblad aan te maken op basis van de geselecteerde map. |
|
Om het actieve tabblad te sluiten. Deze optie is alleen beschikbaar indien er meer dan 1 tabblad is. |
|
Om de inhoud van het actieve tabblad te verversen. |
Tabblad
Met behulp van een tabblad kan de toegang tot een geselecteerde bestandsmap worden opgeslagen. Het vormt hiermee als het ware een snelkoppeling naar de opgegeven map.
Het bestandsmap wordt bewaard per gebruiker. Logt een gebruiker op een later tijdstip opnieuw in op de BPM Server Client of zelfs vanaf een andere PC, dan zullen de ingestelde bestandsmappen wederom zichtbaar zijn.
Schijfselectie
Binnen het tabblad bevindt zich een selectielijst, bestaande uit alle beschikbare schijven op de BPM Server Server. Zodra één van de betreffende schijven wordt geselecteerd, verschijnt in het onderliggende venster de mappenstructuur met de aanwezige bestanden.
Bestands- en mapselectie
In dit venster staan de in de huidige map aanwezige mappen en bestanden getoond. Door het dubbelklikken op een map wordt naar deze map genavigeerd.
Om naar een bovenliggende map te gaan, dient er gedubbelklikt te worden op de bovenste regel met 2 puntjes (zie onderstaand voorbeeld).
De optie met de 2 puntjes is uiteraard niet beschikbaar indien de getoonde map(pen) en bestanden zich in de hoogst gelegen map bevinden.
Plakknoppen
De plakknoppen zijn actief zodra de Remote verkenner wordt geopend vanuit het snelmenu binnen een taak. Om gebruik te maken van de knoppen moet een bestand of map geselecteerd zijn.
Met de knop 'Plak mappen' kan de geselecteerde map worden geplakt op de locatie van waaruit het snelmenu werd geactiveerd.
Met de knop 'Plak bestanden' kan het geselecteerde bestand worden geplakt op de locatie van waaruit het snelmenu werd geactiveerd.
Let op
- Indien op de knop 'Plak bestanden' wordt geklikt terwijl een map is geselecteerd, wordt er geen waarde geplakt. Andersom geldt dit eveneens: indien de knop 'Plak mappen' wordt geklikt terwijl een bestand is geselecteerd, wordt geen waarde geplakt.