E-mail SMTP

Op het tabblad E-mail wordt ingesteld via welke SMTP e-mailserver meldingen van BPM Server worden verstuurd.


E-mail type

- SMTP

- Office 365

SMTP server adres

Het serveradres (IP-nummer of naam) van de SMTP-server.

Poortnummer

Hier wordt het IP poortnummer opgegeven dat gebruikt moet worden voor de communicatie met de SMTP-server.

Standaard wordt hiervoor meestal poortnummer 25 gebruikt. Indien het dataverkeer versleuteld wordt (beveiligd), dan worden meestal andere poortnummers gebruikt, zoals 465 of 587.

Beveiligingsprotocol

Indien een beveiligde verbinding met de SMTP-server moet worden opgezet, kan hier worden aangeven welk type beveiliging er gebruikt wordt. Hierbij zijn de volgende mogelijkheden beschikbaar:


Onbeveiligd

Het dataverkeer met de SMTP-server is niet versleuteld. Meestal wordt hierbij dan poortnummer 25 gebruikt.


Implicit (TLS/SSL verplicht)

Het dataverkeer met de SMTP-server wordt altijd versleuteld. Implicit wil zeggen dat als de client (= BPM Server) een beveiligde verbinding wil opzetten dat dit dan ook daadwerkelijk moet gebeuren en een onbeveiligde verbinding geen alternatief mag zijn. Dit type beveiliging wordt door de meeste SMTP-servers gebruikt. In dat geval is het gebruikte poortnummer meestal 465.


Explicit (TLS/SSL verplicht)

Het dataverkeer met de SMTP-server wordt, indien mogelijk, versleuteld. Explicit wil zeggen dat de client (= BPM Server) aan de SMTP-server verzoekt een beveiligde verbinding op te zetten. Indien de SMTP-server dit, om welke reden dan ook, niet ondersteund, zal er in plaats daarvan een onbeveiligde verbinding worden opgezet. Bij explicit is er dus geen garantie op een beveiligde verbinding. Bij een explicit verbinding wordt meestal poort nummer 587 gebruikt.

Gebruikersnaam

De gebruikersnaam die nodig is om gebruik te kunnen maken van de SMTP-server. Dit veld is optioneel, omdat niet alle SMTP-server een gebruikersnaam (en wachtwoord) vereisen.

Wachtwoord

Het wachtwoord, behorende bij de opgegeven gebruikersnaam.

E-mailadres afzender

Het e-mailadres van de verzender waarmee uitgaande mail wordt verstuurd.

E-mailadres ontvanger(s)

Het e-mailadres van de ontvanger. Indien er meerdere ontvangers zijn, dan dienen deze gescheiden worden door een puntkomma (;).

Testen en opslaan

Door op knop Test en opslaan te klikken, wordt getest of de ingestelde e-mailgegevens juist zijn. Indien de gegevens juist zijn, worden deze gelijk opgeslagen in de database van BPM Server. Indien dit niet zo is, worden de gegevens niet opgeslagen.